De mens is schoon, bijzonder en gericht op de liefde, om maar enkele aspecten te noemen. Daarnaast typeert hem (overeenkomstig ieder ander organisme) zijn drang om te leven. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de mens verzet toont op het moment dat die kenmerken worden geschonden. Let wel: tenzij daarmee een hoger doel wordt gediend. Letsel incalculeren om iemand te redden bijvoorbeeld. In het geval van de aanslagen in Noorwegen bleken weinigen zich te kunnen vereenzelvigen met het hogere doel van Breivik, en kwam er zodoende de logische reactie van verzet tegen zijn daden. Hieruit blijkt het belang van een gemeenschappelijk doel om iets positief te waarderen, maar dus ook wat de mens van zichzelf in ere wil laten. Het behoeft geen nadere uitleg om te begrijpen hoezeer de schoonheid, bijzonderheid, liefde en drang tot leven schade werden berokkend bij de slachtoffers.
Maar dit mechanisme om verzet te tonen tegen dat wat de mens dierbaar is, was niet het enige dat aan de oppervlakte kwam na deze aanslagen. Een even zo primaire drift van de mens speelde direct op, nadat men zich had gerealiseerd dat deze gruweldaden zich hadden afgespeeld. Vanaf het moment van melding begon het proces om dit alles te begrijpen. Niet alleen door meer feiten te weten te komen over de aanslag zelf, maar bijvoorbeeld ook over wat hieraan ten grondslag lag, hoe Breivik dit alles had georganiseerd, of hij handlangers had, wie Breivik was, of hij bekend was bij de rechterlijke macht en hoe zijn ideologie kon worden getypeerd. Een tot dit moment voortdurende zoektocht naar een houding ten opzichte van de gebeurtenissen.
De menselijke aspecten zijn talrijk. In de kern kan deze drang tot begrijpen bijvoorbeeld worden gezien als een drang tot controle. Controle over informatie waardoor in de toekomst beter tegen dit soort acties kan worden geageerd. Maar dieper nog is er dat andere kenmerk van de mens; zijn onzekerheid. Deze kan begrepen worden door de diepste drijfveer, de wil tot leven. Want aangezien de mens wil leven, en hij alleen kan vaststellen dat dit tot nu toe het geval is, betekent dit dat hij met lede ogen moet aanzien dat hij geen waarborg heeft dat zijn leven zich in de toekomst zal continueren.
En het is deze wetenschap van het niet zeker weten wat onzekerheid tot een van de grootste kenmerken van de mens maakt. En hoewel de mens op geen enkele manier garanties voor zijn toekomstige leven kan krijgen, is het onmogelijk hierin te berusten. Onzekerheid kan worden bestreden met controle, en controle kan worden verkregen door kennis, kennis weer door informatie. Om die reden werden en worden we nog steeds overspoeld met overvloedige informatie, tot de betekenissen van de ridderordes toe, die Breivik zich voor een foto had opgespeld. Hierdoor is niet alleen de redacteur met zijn opiniërende stuk over Breiviks achtergrond symbool voor het mechanisme van onzekerheidsverdrijving, ook de markt die hiervoor beschikbaar is geeft deze drang tot zekerheid, tot leven, aan.
Op zich lijkt hier weinig bezwaar tegen. Is het resultaat (denkend vanuit het utilitarisme) een bevredigde menigte die net zoveel informatie opslokt tot ze verzadigd is en controle heeft over haar houding naar de aanslagen. Toch leidt deze drang tot controle, en ter ondersteuning hiervan tot het begrijpen, ook tot onwenselijkheden. Primair het feit dat met deze informatie geen zekerheid over toekomstig bestaan kan worden verkregen. Secundair dat verkeerde informatie wordt gegeven.
Omdat ieder, conform het eigen zijn, interesse heeft in specifiek die informatie die relevant is om in de eigen psyche controle te krijgen, zal ieder ook specifieke informatie als meest waardevol beoordelen en voor hem of haar specifieke manier geordend willen zien om controle over de oorsprong (in dit geval de daden van Breivik) te krijgen. De historicus zal er een geschiedkundige rode draad in zien, de bioloog een biologische, de filosoof een filosofische. Een voorbeeld hiervan is de vraag die zich al snel meester maakte van media, sociale netwerken en blogs: kwam de kogel van links of rechts? Een boeiende vraag voor de politiek-geïnteresseerden waarvan er velen bleken te zijn. Al naar gelang ieders politieke kleur leverde het antwoord de geruststelling op voor de onzekere: voor de linksgeoriënteerde de kogel van rechts en vise versa.
Maar hoeveel en welke informatie wij ook tot ons nemen, of het nu gaat om de aanslagen in Noorwegen of de EHEC-bacterie, vermeerdering van kennis vermindert de tragiek van het voorval (en het gevaar voor ons toekomstige leven) niet. We kunnen niet zolang doorredeneren totdat wij niet meer hoeven te waken voor Breiviks, wat een antwoord op links of rechts maar al te makkelijk doet oplossen: grijp links of rechts in en er zullen geen Breiviks meer zijn. Breivik omklemde een ideologie om zo levenszin te hebben, maar niet een ideologie doet iets, maar de mens die dat aanhangt. Niet de islam is terroristisch, maar de terrorist die zich islamiet noemt. De aanslagen kunnen niet worden verklaard door een politieke stroming te ontwaren, hoe gemakkelijk dit ons ook controle in de schoot zou kunnen werpen.
Breiviks aanslagen kunnen worden verklaard door zijn mentale gesteldheid, gevormd door zijn dna plus zijn persoonlijke geschiedenis, inclusief band met vader en favoriete leraar op school. Wat beide ook zijn, het mondde in ieder geval uit in een psychische gestoordheid met behoud van ratio. De kogel kwam niet van links of rechts, maar van Breivik. En daarmee is nog geenszins een antwoord geformuleerd.